Een planeet vol sloppen
Een planeet vol sloppen

Vandaag wonen rond de 828 miljoen mensen in een van de 200 duizend sloppenwijken die de wereld telt. Rond de 61 procent van alle ‘slum dwellers’ woont in Azië, 26 procent leeft in Afrika en 13 procent in Latijns Amerika. En met de dag worden het er meer. Van de 1,4 miljard mensen die er tot 2030 wereldwijd bijkomen, zal 96 procent worden geboren in een krottenwijk.
Een op de zéven wereldburgers leeft vandaag in een slum. In 2050 is dat een op de dríe. Een familie in een slum beschikt niet over voldoende schoon water en al evenmin over fatsoenlijke sanitaire voorzieningen. Sloppenwijkbewoners kunnen op elk moment uit hun woning worden gezet. Deze woningen zijn vrijwel altijd slecht gebouwd of onderhouden. Daarom zijn ze kwetsbaar voor storm en regen. Bovendien zijn deze huizen veel te klein: per kamer wonen drie of meer mensen.
Het leven in een sloppenwijk is niet gemakkelijk. In een megastad als Dhaka is tweederde van het drinkwater vervuild. In slums is de lucht smeriger dan in stadscentra of op het platteland. In Afrikaanse slums zijn dubbel zoveel mensen geïnfecteerd met HIV dan in de dorpen. In slums is de politie vaak corrupt. Nog vaker durven ze de slum niet binnen te gaan. Epidemieën als ebola verspreiden zich er razendsnel. Volgens velen is de verstedelijking van de Derde Wereld een ‘opkomende humanitaire ramp’.

Waarom dan, vertrekken jaarlijks 60 miljoen mensen naar deze slums? Weten zij niet wat hen te wachten staat? Dat weten zij wel degelijk. Maar voor iemand van het platteland, betekent een verhuizing naar de slum een enorme stap vooruit. Want op het platteland is het leven nog vele malen zwaarder. Terwijl de rest van de wereld in een enorm tempo vooruitschiet, lijkt het leven in het dorp stil te staan. In de dorpen vind je geen middelbaar of voortgezet onderwijs. Er is vaak geen stroom of schoon water, laat staan internet. En vrouwen zijn er altijd het armst. Ze werken op de akkers en doen vrijwel alle huishoudelijk werk. Vrouwen verzorgen de kinderen, moeten ver lopen om schoon water te halen en ze genieten het min-ste onderwijs. Voor veel vrouwen is de trek naar de stad ronduit een bevrijding.

Een planeet vol sloppen
Wie woont in een Afrikaans of Aziatisch dorp, is gedwongen tot een bestaan als boer. Ook al zou hij liever lasser, onderwijzer, webdesigner of arts willen worden. ‘De slum verschaft mensen mogelijkheden, die op het platteland ondenkbaar zijn’, vertelt toeristengids Saulos Jali in deze web-documentaire. ‘In het dorp zouden we niets kunnen verdienen’, zegt de tot aan zijn nek verlamde bedelaar Morris Maurice. ‘Veel mensen in het dorp zouden maar wat graag naar Ndirande verhuizen, denkt de prostituee Thokozani. En volgens kokkin en onderneemster Filesi Panja had zij nooit een bedrijf kunnen starten op het platteland. ‘Mensen begrijpen daar niet eens wat ik hier doe.’ Voor de jongemannen van multimedia bedrijf Flashblink tenslotte, is het platteland het exotische oord waar ooit hun voorouders opgroeiden. ‘In het dorp heb je geen elektriciteit, laat staan internet’, zegt Tracy Thungaye. ‘Wat zouden we daar in godsnaam moeten doen?’

Willen we slums begrijpen, dan moeten we hen niet vergelijken met buitenwijken in het rijke deel van de wereld, maar met het platteland waar de bewoners vandaan komen. Willen we slums begrijpen, dan is het beter om het perspectief te kiezen van een jonge Indiase of Keniaanse boerin. ‘Voor jongeren in een Indiaas dorp gaat het bij de aantrekkingskracht van Mumbai niet alleen om het geld. Het gaat hen ook om de vrijheid’, schrijft Suketa Mehta in een artikel met de programmatische naam ‘Dirty, crowded, rich and wonderful’.

Foto's
© Ralf Bodelier, Manilla, Philippines, 2011
© Thomas Jessica, Lahore, Pakistan, 2005. Via WikiMedia Commons